GEDICHTENDAG

Ik moet zeggen dat ik als kind een enorme voorliefde had voor rijmen en dichten. En dan bedoel ik niet één of andere limerick. Nee, nee, een waar gedicht van minstens 10 regels. En grappig genoeg heb ik van deze hobby nog enkele bewijzen gevonden…Twee kinderversjes (ik was toen een jaar of 10) en een vijftal sombere tienerrijmen… amaai, amaai, what was I thinking then… Ik ga u geen depressies bezorgen…

Mijn absolute favoriet geef ik u vandaag, op gedichtendag, nog even mee… voor al die kindjes die wel houden van snoep, maar niet van tandpasta… (zoals nr 2 dus bij ons)

 

TOONTJE

Het vrouwtje van het snoepwinkeltje heeft een zoontje 

En die heet Toontje.

Toontje heeft wel 10 rotte tandjes 

En altijd vieze vuile handjes.

Zijn handjes en zijn tandjes wast hij nooit,

Gewassen heeft hij zijn voetjes wel eens ooit.

Daarom zal Toontje binnenkort een gebit moeten dragen,

En dat moet je mij nu niet vragen…

Of Toontje dat graag wil,

Want hij zegt toch alleen maar “Het laat me kil”.

Ik zou hem toch maar niet geloven,

Want de waarheid kan ik je echt niet beloven

Als Toontje bang zal zijn voor een gebit zegt hij het niet.

Zelfs niet tegen Sinterklaas en Zwarte Piet.

 

Voilà, se… dat weet u ook weer 😉

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *